Haiku
Gastheer

In Memoriam Jeroen Gooskens

Maandag 25 maart 2013 overleed Jeroen Gooskens. Zaterdag 30 maart hebben we in de Boskapel te Nijmegen tijdens een indrukwekkende viering afscheid van Jeroen kunnen nemen.

Leo Jacobs, lid van Regio Arnhem - Njmegen schreef het onderstaande In Memoriam.

Toen ik hem vier dagen voor zijn dood voor het laatst bezocht leek het of hij de grens tussen het hier en het ‘Jenseits’ af en toe overschreed. Hij lag er tevreden bij en leek te slapen. Toen ik zijn hand pakte en zijn naam noemde sloeg hij zijn ogen op en zei: “Ik geloof dat ik uit een andere wereld kom”.
Nu is hij voorgoed ingeslapen. Op weg naar die andere wereld, of –om het in zijn eigen woorden te zeggen- “op weg naar een einde dat geen einde kent”.

Jeroen Gooskens was een mensen-mens, warm, begaan met de mensen. Open en eerlijk, ruimte gevend aan anderen en andere opvattingen. Een geboren verhalenverteller. Een voorganger in de diensten van de Jacobskapel hier in de stad, die mensen raakte. Zonder opsmuk, zonder holle frasen, maar gegrepen door metaforen en mythen, gegrepen door het wonder van het leven, speurend naar de Bron, zoals hij schreef op zijn website. Die metaforen en mythen uit psalmteksten of uit boeddhistische of hindoeïstische verhalen kon hij vertalen als geen ander.
Niet enkel verteller, schrijver was hij ook. Het verhaal van zijn camino, prachtig beschreven in Ver Onderweg raakte menig pelgrim in zijn ziel. Deed de eigen camino herbeleven, voegde er een dimensie aan toe en stimuleerde aanstaande pelgrims om te gaan. Om onderweg te zijn, want dat was volgens Jeroen waar het uiteindelijk om ging.
Zijn boekbesprekingen in De Jacobsstaf waren een genoegen om te lezen. Als geen ander wist hij daarbij de ‘diepere lagen’ op te sporen en te vertalen.

Zijn taal-meesterschap kwam prachtig tot uiting in zijn korte essay Interior intimo meo, dat bij gelegenheid van het 25-jarig jubileum van Het Genootschap bekroond werd als de beste inzending voor Mijn mooiste plek aan de camino.(in: De Jacobsstaf september 2011). Hij schreef: ”Het antwoord op de vraag naar de mooiste plek is dus niet moeilijk. Die plek ligt diep in de pelgrim, in zijn binnenste binnen. Daar maakt het innerlijk oog de weg tot een wonder. Daar luistert het hart naar de geheimen van de stilte. Daar komt de pelgrim de verborgen bron op het spoor. Daar gaat hij zijn weg naar een einde dat geen einde kent.” Proza dat poëzie was geworden.

Als jonge Augustijn destijds vervuld van de nieuwe weg die de kerk zou (moeten) gaan, maar de deur gewezen door klerken die alleen maar konden vasthouden aan starre regels en dogma’s, waarmee ze vooral de kerk zelf en alle mensen van goede wil, enorm tekort deden. Maar –daardoor niet verbitterd- ging Jeroen door met zijn levensopdracht, al viel dat afscheid hem zwaar. “God lijkt nu vaak écht dood, maar toch laat hij me nooit helemaal los en uiteindelijk is het de camino naar Santiago die Hem weer ten leven wekt”, schreef hij. De camino leverde veel op; hij inspireerde tallozen met zijn verhalen, verteld of geschreven, zoals bijvoorbeeld op zijn bijzondere website Compostela.nl
Hij was dankbaar voor het leven, voor de wonderen van de natuur, voor de genegenheid van mensen. Ondanks de aftakeling van zijn lichaam door zijn ziekte, genoot hij nog van de kleine dingen. De zon in zijn kamer, de eerste lentegeluiden van de vogels, het bezoek van vrienden, de warmte van zijn dierbaren. “Zo is sterven ook de moeite waard om mee te maken” zei hij.
Op 25 maart is hij in alle rust en tevredenheid gestorven.
Toen ik bij mijn laatste bezoek wist dat dit het definitieve afscheid was, wenste ik hem Buen camino. Hij glimlachte zwakjes.

Jeroen is aan zijn laatste camino begonnen. We missen hem.

System.String[]
Gedicht
Statistieken
Gebruikers
56
Artikelen
64
goldpharm.netbuy Cipro